Richtlijnen voor de mu’tamad oordelen in de Shafi’i madhhab

Posted by on Sep 22, 2011 in Aanbevolen, Usul al-Fiqh | 0 comments

In de naam van Allah, de Meest Genadevolle, de Meest Barmhartige.

Er zijn 5 niveaus van de rang van mujtahid overeenkomstig de Shafi’i madhhab:

1 – Mujtahid mutlaq (absolute mujtahid), d.w.z. imam al-Shafi’i, imam Malik, imam Abu Hanifah en imam Ahmad ibn Hanbal rahimahumullahu ta’ala.

2 – Mujtahid muntasib (een daarbij aangesloten jurist), e.g. Ibn Khuzaimah, Ibn Mundhir, Muhammad Ibn Jarir en Muhammad ibn Nasr, (Tabaqat al-Shafi’iyyah al-Kubra).

3 – Mujtahid al-madhhab, e.g. al-Buwaiti, al-Rabi’, al-Anmati, al-Istikhri , Ibn Abi Hurairah, en al-Sairafi.

4 – Mujtahid al-fatwa wa al-tarjih, e.g. al-Mawardi, Abu Tayyib, al-Tabari, Imam al-Haramayn, Abu Ishaq al-Shirazi, al-Ruyani, al-Rafi’i en an-Nawawi.

5 – Al-Hafiz li l-madhhab en de mufti.

Imam al-Nawawi zei in al-Majmu’: “Indien degene die oordelen uitvaardigt in de Shafi’i madhhab de intentie heeft om de voorkeur (aan iets) te geven, zal het niet toegestaan voor hem zijn om zich slechts te baseren op een of twee boeken van de voor(af)gaande geleerden of zelfs slechts enkele boeken van de latere geleerden vanwege de excessieve verschillen in hun besluitvorming en voorkeuren. Het is de verantwoordelijkheid van deze mufti om de madhhab van imam al-Shafi’i radiyallahu ‘anhu uit te dragen. Hij kan niet de overtuiging hebben dat wat vermeld wordt in de genoemde boeken de mening is van imam al-Shafi’i of de mening die hij zelf prefereert vanwege de verschillende meningen, en dit fenomeen is niet vreemd voor degenen die zelfs een beetje bekendheid met de madhhab hebben. Er zijn gevallen waarin tien auteurs positief een oordeel velden over bepaalde zaken, maar dat vreemd is met betrekking tot de geprefereerde mening van de madhhab en dat ingaat tegen de meerderheid. Soms gaan ze zelfs in tegen de duidelijke teksten van de imam. Je zult enkele voorbeelden hiervan in dit commentaar zien, indien Allah  Ta’ala dat wenst. Ik hoop dat indien dit boek af is, het in staat zal zijn te voorzien (en volstaan) in geen behoefte aan andere boeken en de definitieve madhhab van imam al-Shafi’i, insha Allah  ta’ala, zal vormen.” (al-Majmu’ Sharh al-Muhadhdhab, 1:47)

Imam al-Kurdi zei: “Indien de shaykhayn (al-Nawawi en al-Rafi’i) geen voorkeur (aan)geven (aan iets), dan als een mufti tot ahl al-tarjih behoort, kan hij een oordeel uitvaardigen gebaseerd op een mening waar de imams van zijn madhhab zich op hebben gebaseerd. Het zou voor hem niet toegestaan zijn om een oordeel uit te vaardigen dat als zwak wordt beschouwd volgens de imams van zijn maddhab, zelfs als dit een geprefereerde mening is volgens hem. Dit komt door het feit dat hij alleen gevraagd wordt naar de geprefereerde mening overeenkomstig de madhhab, niet volgens hemzelf, tenzij hij de zwakte van de meningen opmerkt. Het is toegestaan te handelen naar de zwakke mening wanneer hij deze heeft verklaard als een zwakke mening. Indien hij niet behoort tot de mensen van tarjih, en dit zijn de in onze tijd aanwezige geleerden, dan zijn er verschillende meningen.”

Tot de belangrijke figuren na de shaykhayn behoren: Ibn al-Rif’ah, al-Subki en de ’alam al-khamsah: (1) Shaykh al-Islam Zakariyya al-Ansari, (2) al-Shihab al-Ramli, (3) al-Khatib al-Shirbini, (4) Ibn Hajar, (5) al-Shams al-Ramli.

Het is alombekend onder de latere Shafi’i ‘ulama dat zij zich baseerden op de twee belangrijke commentaren van al-Minhaj:

- Tuhfat al-Muhtaj bi sharh al-Minhaj van Imam Ibn Hajar al-Haytami (974 H)

- Nihayat al-Muhtaj ila sharh al-Minhaj van Imam Shams al-din al-Ramli (1004 H)

Aan deze twee commentaren wordt de voorkeur gegeven omdat zij gepresenteerd werden aan honderden ‘ulama die ze nauwkeurig onderzocht en geauthentificeerd hebben.

Alle ‘ulama van Egypt, of op zijn minst de meesten van hen, hebben zich gebaseerd op de oordelen van imam al-Ramli die hij in zijn boeken citeerde, in het bijzonder in al-Nihayah. Dit vanwege het feit dat al-Nihayah door 400 ‘ulama aan de imam was (voor)gelezen en zij dit boek hadden bekritiseerd, nauwkeurig onderzocht en geauthenticificeerd. Derhalve had de authentificatie ervan het niveau van tawatur bereikt.

De ‘ulama van Hadramawt, Sham, Akrad, Daghestan, Jemen en de Hijaz gaven de voorkeur aan de mening van imam Ibn Hajar al-Haytami in zijn boeken als de mu’tamad (betrouwbare positie), in het bijzonder al-Tuhfah.

Van de boeken van al-Imām Ibn Ḥajar, is de orde van verdienste al-Tuḥfah, Fatḥ al-Jawād, al-Imdād, de fatāwā (juridische meningen/adviezen) en Sharh al-ʿUbāb hebben dezelfde verdienste, echter de voorkeur geven aan het commentaar is beter.

Derhalve, de mu’tamad is de mening van imam Ibn Hajar en imam Shams al-Din al-Ramli rahimahumallah ta’ala.

Imam ‘Umar al-Basri, één van de toonaangevende studenten van imam Ibn Hajar, werd gevraagd waar de voorkeur aan gegeven diende te worden wanneer er verschillen van mening zijn tussen Ibn Hajar en al-Ramli. De conclusie van zijn antwoord luidde: “Indien een geleerde een mogelijkheid (evt. bekwaamheid) had om te kijken naar de bron van het oordeel en de bewijzen daarvoor, dan diende hij dit te doen en te verwijzen naar de bewijzen vermeld door de shaykhayn of andere geleerden. Indien hij daartoe niet de mogelijkheid heeft, dan diende hij enige van de meningen van Ibn Hajar of al-Ramli te kiezen.

Indien imams Ibn Hajar en al-Ramli rahimahumallah ta’ala geen oordeel gaven over een masalah, dan zal de fatwa gegeven worden overeenkomstig de mening van Shaykh al-Islam Zakariyya al-Ansari in Sharh al-Saghīr ʿalā al-Bahjah en daarna, Fath al-Wahhāb bi sharh Manhaj al-Tullāb. Tot slot wordt de voorkeur gegeven aan Sharh al-Imām al-Khāṭib al-Shirbīnī.

De orde van verdienste onder de hawāshī (marginale kanttekeningen) is als volgt: (zie al-Fawaid en al-I’ānah):

- Imām ‘Alī ibn Yahya al-Ziyādī (1024 H), hāshiyah bij Fath al-Wahhab, het commentaar op al-Manhaj;

- Imām Ahmad ibn Qasim al-ʿAbbādī (994 H), bij Fath al-Wahhab;

- Shihab al-Din Ahmad al-Burullusi bekend als ʿAmirah (957 H), marginale kanttekeningen bij al-Maḥallī;

- Shaykh ʿAlī ibn ‘Alī al-Shabramillisī (1087 H), marginale kanttekeningen bij al-Nihāyah;

- Shaykh Abu al-Hasan ‘Alī ibn Ibrāhīm ibn Ahmad al-Halabī (1044 H), de auteur van al-Sīrah al-Halabiyyah;

- Shaykh Muhammad ibn Ahmad al-Shawbarī (1069 H), hij heeft een hashiyah bij al-Mawahib al-Ladunniyyah en een hashiyah bij Tahrīr al-Lubāb.

- Shaykh Muhammad ibn Dawud al-ʿAnānī (1098 H), hij heeft een hashiyah bij al-Tahrīr en al-Manhaj.

 

Hun meningen worden genomen indien zij niet verschillen met “al-Tuhfah en al-Nihayah” en de beginselen van de madhhab.

Vertaald en bewerkt door: Harun ar-Rashid

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>